dinsdag 6 januari 2026

prozagedicht Piet Gerbrandy stijl

 


Gelet op het paar moccasins en dat van de voorbijganger – de mens die boeken ontleent.

Houvast vindend voor waarheid en moraliteit in zalen die men Vis noemt. Ellenlange sjaals zijn uitgehaald. 


Een auteur laat in dit gebouw zijn voetprint na.

Tevreden met het stel camel mocassins dat je aangetrokken hebt.

Rond kortpolig tapijt.

Verheugd om de komma, de punt.


Een man met rode krullen op de bank rechts van me. Bladzijden van zijn krant ritselen bij het omslaan.

Wandelend naar het perron laat iemand een bom achter op een brug. 


Marmer kan beitelen.’ 

Geen opmerkingen:

KNM.wo_31dec_2025_tekstfragment

  Kat Lut Hel Noemen staat recht van haar zitplaats in de wachtkamer, knikt in zijn richting en zij hoort haar lippen de woorden vormen “ Da...